Ter verdediging van het Nederlands

Tijd voor een prikkelende uitdaging, beste lezer. Dat ben jij. Probeer een gesprek te voeren (desnoods met jezelf, iemand die je tenslotte altijd gelijk geeft) zonder Engelse tussenwerpsels. Ik weet nu wel wat je gaat zeggen, want ik leef me in met mijn lezers: “shit!”, “no can do!” en “ya gotta be kiddin’!'”.

Ik begrijp jouw door mij verzonnen reactie. Maar waarom? Is het Nederlands dan niet goed genoeg? Strekt die taal zich niet tot de hipste uitersten misschien? Je antwoord is zonder twijfel: “no way”.

Van Dale zal jouw cynisme niet tolereren
Zeg dat drie keer in de spiegel en je krijgt kletsen van de geest van Van Dale.

Het lijkt alsof het Nederlands helemaal geen equivalent heeft voor “awesome”, “fuckin’ A” en “what the fuuuuuuck!”. Maar ik ben hier om te zeggen dat het dat hoegenaamd wél heeft, respectievelijk “opzienbarend”, “hetzalnogwelnietwezen” en “verdraaaaaaaid!”.

Ik weet ook wat je daarop gaat zeggen: “boring!”.

Maar zouden we niet genieten van onze uitstervende taal, nu het nog kan? Een taal die niemand anders ter wereld begrijpt, enkel wij? Die nog eens onderverdeeld is in regionale dialecten? Dialecten die ook nog eens subtiel veranderen om de tien kilometer?

De klanken, de exclusiviteit, het doolhof van regels. Dàt is het Nederlands waar ik van hou. En ook, geen enkele andere taal bezit een treffender woord dan “schurftmijt”.